Sociale veiligheid training:

Trainer in gesprek met deelnemers tijdens een training

Sociale veiligheid training: van beleid op papier naar gedrag op de werkvloer

De meeste organisaties hebben het op orde staan. Een gedragscode, een vertrouwenspersoon, een klachtenregeling. En toch weet iedereen in het team precies wie er over de grens gaat, en zegt niemand er iets van.

Daar zit het gat. Sociale veiligheid ontstaat niet in een beleidsstuk, maar in wat mensen op een dinsdagmiddag wel of niet tegen elkaar zeggen.

 

Waarom dit iets anders is dan agressietraining

Bij agressie komt het gedrag meestal van buiten: een cliënt, een klant, een burger. Je weet wie de ander is en je hoeft hem morgen niet per se weer te zien.

Bij sociale veiligheid gaat het over binnen. Over een collega die grappen maakt die niet meer grappig zijn, een leidinggevende die iemand structureel passeert, of een team waarin je beter je mond kunt houden.

Dat maakt het lastiger, want de ander blijft. En dat is precies waarom mensen het laten lopen.

 

De omstander is de sleutel, niet het slachtoffer

Bij ongewenst gedrag kijken we meestal naar twee mensen: degene die het doet en degene die het overkomt. Maar er is bijna altijd een derde groep, en die is groter: de mensen die het zien gebeuren.

Als niemand van die groep iets zegt, ontstaat het idee dat het normaal is. Dat is hoe een cultuur kantelt. Niet door wat er gebeurt, maar door wat er niet gezegd wordt.

In de training ligt het accent daarom op de omstander. Wat zeg je op het moment zelf, hoe doe je dat zonder dat het een conflict wordt, en wat doe je als je te laat bent en het moment al voorbij is.

 

Wat je team leert

Elkaar aanspreken zonder ruzie te maken

De meeste mensen zeggen niets omdat ze bang zijn voor de reactie. Ze willen niet moeilijk doen, geen sfeerverpester zijn, of ze weten simpelweg niet hoe ze het moeten brengen.

Je oefent hoe je iets benoemt op een manier die niet aanvalt. Kort, concreet en zonder dat de ander in de verdediging schiet. Dat is een vaardigheid, geen karaktereigenschap.

Grenzen benoemen die niet voor iedereen hetzelfde zijn

Wat de een een grap vindt, is voor de ander over de grens. Dat verschil is geen probleem, het niet bespreken wel.

In de training maken we expliciet waar de grenzen in jullie team liggen. Dat gesprek levert meestal meer op dan de gedragscode zelf, omdat mensen ineens horen hoe verschillend erover gedacht wordt.

Reageren als het jou overkomt

Op het moment zelf bevries je vaak. Pas achteraf bedenk je wat je had willen zeggen. Dat is normaal en het is te trainen.

Je leert een paar korte reacties die je op het moment zelf kunt gebruiken, zodat je niet afhankelijk bent van wat je op dat moment toevallig kunt bedenken.

Melden en bespreekbaar maken

Veel incidenten worden nooit gemeld. Niet omdat mensen de weg niet weten, maar omdat ze denken dat het niet erg genoeg is, of dat het toch niets oplevert.

We bespreken wat een melding wel en niet in gang zet, en waar de grens ligt tussen iets zelf oplossen en het ergens neerleggen.

 

Wat de wet van je verwacht

Sociale veiligheid is geen vrijblijvend thema. De Arbowet noemt het psychosociale arbeidsbelasting, en daar vallen pesten, discriminatie, seksuele intimidatie, agressie en werkdruk onder.

Op grond van artikel 3 lid 2 ben je als werkgever verplicht beleid te voeren om die belasting te voorkomen of te beperken. Het Arbobesluit maakt dat concreet in artikel 2.15: je neemt de risico’s op in je risico-inventarisatie, je legt maatregelen vast in een plan van aanpak, en je licht je medewerkers voor.

Daarnaast heb je op grond van artikel 7:658 van het Burgerlijk Wetboek een zorgplicht voor een veilige werkomgeving.

En de vertrouwenspersoon?

Er ligt wetgeving klaar die een vertrouwenspersoon verplicht stelt voor organisaties vanaf tien medewerkers. De Tweede Kamer nam dat voorstel in 2023 aan, maar de ingangsdatum is nog niet definitief vastgesteld. De Nederlandse Arbeidsinspectie ziet een vertrouwenspersoon nu al als een belangrijk onderdeel van je PSA-beleid.

Belangrijk om te zien: een vertrouwenspersoon vangt op nadat er iets is gebeurd. Een training zorgt dat het minder vaak gebeurt. Het is geen keuze tussen die twee, ze doen iets anders.

Aantoonbaar voldoen aan je voorlichtingsplicht

Iedere deelnemer ontvangt na afloop een handout met de behandelde stof en een certificaat van succesvolle deelname. Daarmee heb je zwart op wit dat je mensen zijn voorgelicht.

 

Oefenen met een trainingsacteur

Over gedrag praten is makkelijk. Iemand aanspreken terwijl je hart sneller gaat kloppen is iets anders.

Daarom werken we met professionele trainingsacteurs. Die spelen de collega die het wegwuift, degene die boos wordt, of degene die zegt dat je niet tegen een grapje kunt. Zo merk je waar jij vastloopt, en kun je het opnieuw doen.

De scénario’s stemmen we vooraf met je af. Wat speelt er bij jullie, en welke situaties komen terug. Dat wordt nagespeeld, zonder dat het over personen gaat.

 

Zo ziet de training eruit

De training duurt één dag en wordt bij jullie op locatie gegeven, met groepen van vier tot twaalf deelnemers.

Vooraf vullen deelnemers een schriftelijke intake in waarin zij aangeven wat zij tegenkomen. Dat gebeurt vertrouwelijk, en op basis daarvan stellen wij het programma samen. Vaak komt daar informatie uit die in een teamoverleg nooit op tafel komt.

Na afloop ontvangt iedere deelnemer een handout en een certificaat van succesvolle deelname, en vragen wij om een feedbackformulier.

 

Voor wie de training is

Wij trainen complete teams, want sociale veiligheid is niet iets wat je individueel oplost. Een enkele deelnemer die terugkomt in een team dat niets heeft veranderd, houdt het niet vol.

De training past bij organisaties in de zorg, GGZ, onderwijs, gemeenten, woningcorporaties en publieke dienstverlening. Ook leidinggevenden sluiten aan, want zij bepalen in de praktijk wat er wel en niet wordt getolereerd.

Krijgt je team vooral te maken met gedrag van cliënten, burgers of leerlingen in plaats van met interne omgangsvormen? Kijk dan naar onze agressietraining of onze weerbaarheidstraining.

 

Wat er na afloop verandert

Aan het einde van de training heeft iedere deelnemer een paar zinnen paraat waarmee hij iets kan benoemen zonder dat het een confrontatie wordt.

Het team weet van elkaar waar de grenzen liggen, en heeft dat een keer hardop besproken in plaats van aangenomen.

En misschien wel het belangrijkste: de drempel om iets te zeggen is lager geworden. Dat is uiteindelijk het enige wat een gedragscode echt laat werken.

Sociale veiligheid is onderdeel van ons bredere aanbod veiligheidstrainingen.

Meer over de wettelijke kant? Lees wat de Arbowet over agressie en psychosociale arbeidsbelasting zegt.

Meer achtergrond? Lees wat grensoverschrijdend gedrag op het werk precies is en waarom er zo weinig wordt gemeld.

Wat is het verschil met een agressietraining?

Agressietraining gaat over gedrag van buiten: een cliënt, klant of burger. Sociale veiligheid gaat over binnen: hoe collega’s met elkaar omgaan. De ander blijft, en dat maakt aanspreken lastiger. In de praktijk vullen de twee elkaar aan.

Een vertrouwenspersoon vangt op nadat er iets is gebeurd. Een training richt zich op wat er daarvóór gebeurt: eerder iets zeggen, zodat het niet escaleert. Ze doen iets anders en sluiten elkaar niet uit.

Nee. We werken met scénario’s die op jullie situatie lijken, niet met echte gevallen uit het team. Zo kan iedereen erover praten zonder dat het over een persoon gaat.

Voor complete teams, inclusief leidinggevenden. Sociale veiligheid los je niet individueel op, want iemand die terugkomt in een onveranderd team houdt het niet vol.

Ja. Iedere deelnemer krijgt een handout en een certificaat van succesvolle deelname, waarmee je kunt aantonen dat aan de voorlichtingsplicht uit de Arbowet is voldaan.