Het meest recente landelijke beeld komt uit maart 2026, van CNV en EenVandaag. Wat daarin opvalt is niet zozeer de hoogte van de percentages, maar de breedte: agressie komt niet meer van één kant en niet in één schoolsoort. Hieronder staan de cijfers, wat ze betekenen en waar ze tekortschieten.
CNV en EenVandaag ondervroegen ruim 450 medewerkers uit het primair onderwijs, het voortgezet onderwijs en het mbo. De uitkomsten:
CNV-bestuurder Daniëlle Woestenberg vatte het samen met: “Geweld op school kan en mag nooit normaal zijn.”
Van alle percentages hierboven is die 27 procent de opvallendste, en juist die wordt het minst geciteerd. Het is namelijk geen veiligheidscijfer maar een onderwijscijfer.
Een docent die bepaalde onderwerpen laat liggen omdat hij gedoe verwacht, geeft ander les dan hij van plan was. Dat raakt burgerschapsonderwijs, seksuele vorming, geschiedenis en actualiteit. De schade is daarmee niet alleen dat iemand zich onveilig voelt, maar dat het curriculum stilletjes krimpt. Dat is een effect dat je niet terugziet in een incidentenregistratie, want er gebeurt precies niets. Er wordt alleen iets niet gedaan.
Sinds augustus 2015 geldt de zorgplicht sociale veiligheid voor scholen in het primair onderwijs, voortgezet onderwijs en speciaal onderwijs. Die verplicht een school tot drie dingen: beleid voeren gericht op de veiligheid van leerlingen, jaarlijks de veiligheidsbeleving van leerlingen monitoren, en iemand aanwijzen die het antipestbeleid coördineert.
Lees dat rijtje nog eens: het gaat over leerlingen. Voor het personeel bestaat die jaarlijkse monitorplicht niet. De bescherming van medewerkers loopt via de Arbowet, waarin agressie en geweld onder psychosociale arbeidsbelasting vallen en de werkgever verplicht is daarop beleid te voeren. Dat is een zorgplicht zonder landelijk meetinstrument.
Daar komt het gat vandaan. Over hoe veilig leerlingen zich voelen bestaat een landelijk, jaarlijks en vergelijkbaar beeld. Over hoe veilig hun docenten zich voelen bestaat dat niet, en zijn we aangewezen op losse onderzoeken van vakbonden en media. Dat is precies waarom het CNV in hetzelfde bericht oproept tot landelijke en transparante monitoring van agressie-incidenten.
Een artikel over cijfers hoort ook te vertellen waar ze wringen. Drie dingen om in je achterhoofd te houden als je hiermee intern iets wil onderbouwen.
Die nuance maakt het beeld niet minder zorgelijk. Ze maakt alleen duidelijk dat het echte antwoord op de vraag hoeveel er gebeurt op jouw school, in jouw eigen registratie ligt en nergens anders.
Dat meer dan een kwart heeft overwogen te wisselen of te vertrekken, is het cijfer dat een schoolbestuur het snelst zal begrijpen. Onveiligheid is in een sector met structurele tekorten geen los thema maar een verloopoorzaak.
Het kost meer om een vertrokken docent te vervangen dan om een team te leren hoe het met dit gedrag omgaat. Dat is geen prettig argument, maar het is wel het argument dat in een begrotingsoverleg blijft hangen.
Cijfers veranderen niets. Wat wel helpt is de volgorde: eerst weten wat er bij jullie gebeurt, dan afspreken wat je ermee doet, dan oefenen.
Onze agressietraining voor het onderwijs richt zich op dat laatste: met een trainingsacteur oefenen aan situaties uit jullie eigen school, van een ontspoord gesprek met een ouder tot een leerling die de klas op stelten zet. Gaat het breder om de sfeer, de meldbereidheid en de afspraken tussen collega’s, dan sluit sociale veiligheid in het onderwijs beter aan. Wil je een bredere opzet voor meerdere teams, kijk dan naar onze veiligheidstrainingen.
Wat de zorgplicht voor scholen precies inhoudt, staat uitgewerkt in het artikel over de Wet veiligheid op school.
Veelgestelde vragen
Uit onderzoek van CNV en EenVandaag onder ruim 450 onderwijsmedewerkers, gepubliceerd in maart 2026, blijkt dat 85 procent zelf verbaal geweld of bedreiging heeft meegemaakt en 43 procent fysiek geweld. 65 procent ziet een toename van agressie door leerlingen in vijf jaar, 62 procent ziet die toename bij ouders.
De zorgplicht sociale veiligheid uit 2015 verplicht scholen om jaarlijks de veiligheidsbeleving van leerlingen te monitoren. Voor personeel bestaat die jaarlijkse monitorplicht niet. Daar geldt de Arbowet, die de werkgever verplicht beleid te voeren op psychosociale arbeidsbelasting, waar agressie en geweld onder vallen.
27 procent van de respondenten gaf aan bepaalde onderwerpen in de les te mijden uit angst voor intimidatie. Dat is geen veiligheidscijfer maar een onderwijscijfer: het curriculum krimpt zonder dat er een incident wordt gemeld, want er gebeurt niets. Er wordt alleen iets niet gedaan.
Het gaat om een vragenlijst en niet om een registratie, met zelfselectie onder de deelnemers: wie er last van heeft vult zo’n enquête eerder in. Gebruik de percentages als signaal om het gesprek te openen. Voor harde uitspraken over je eigen school heb je je eigen incidentenregistratie nodig.
Eerst registreren, zodat er eigen cijfers liggen in plaats van indrukken. Dan vastleggen wat er na een melding gebeurt, inclusief de consequentie. En daarna oefenen, want vrijwel iedereen weet op papier hoe het hoort; het misgaan zit in het moment zelf.
Benieuwd wat een training voor jullie team zou doen?
Vertel kort welke situaties er bij jullie spelen. Je krijgt een voorstel op maat, met een prijs en een voorgestelde datum.